Citaat | Hoge Raad 22 december 2017

Onder 3.3.2 Hoge Raad 22 december 2017

Een alinea uit Hoge Raad 22 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3263.

Getuige [betrokkene 2] was niet bij het gesprek op 30 maart 2010 aanwezig en kan dus uit eigen wetenschap niet hieromtrent verklaren. [betrokkene 2] heeft verklaard dat hij tijdens een bespreking op 8 april 2010, waarbij ook hijzelf en [betrokkene 3] aanwezig waren, welke bespreking werd gehouden naar aanleiding van een door [betrokkene 2] opgestelde conceptovereenkomst, bij [verweerder] heeft geverifieerd of er wilsovereenstemming was over de verkoop. Ook uit de verklaring van [betrokkene 2] blijkt niet dat op 30 maart 2010 tussen partijen al overeenstemming was bereikt, op welke vraag de bewijsopdracht ziet. Bovendien blijkt uit de verklaring van [betrokkene 2] dat [verweerder] in ieder geval op 8 april 2010 het concept nog aangepast wilde zien in verband met diens wens een kettingbeding op te nemen. Hierin valt steun te vinden voor het standpunt van [verweerder] dat de onderhandelingen op dat moment nog niet waren afgerond en dat er nog slechts sprake was van een (in de akte van 30 maart 2010 vastgelegde) intentie om tot een overeenkomst van koop en verkoop te gaan komen. (rov. 10.7)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2bf0b80e2e0a18d4a081b12a4b4308f55c18d013abc6a4fe6a0f1cc88b7abb5d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2bf0b80e2e0a18d4a081b12a4b4308f55c18d013abc6a4fe6a0f1cc88b7abb5d, en de alinea staat in dat document op bytes 14045 tot 15174.