Citaat | Hoge Raad 3 maart 2017
Onder 2.4.4. Hoge Raad 3 maart 2017
Een alinea uit Hoge Raad 3 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:356.
Bij hetgeen hiervoor is overwogen dient mede in ogenschouw te worden genomen dat de in artikel 16, leden 3 en 4, AWR opgenomen termijnen de rechtszekerheid dienen in die zin dat belastingplichtigen tevoren weten wat de uiterste datum is waarop over een bepaald feit of jaar nog belasting kan worden nagevorderd. De door het middel bepleite uitleg van artikel 66, lid 3, van de Successiewet tast die rechtszekerheid aan. Deze uitleg kan dan ook niet worden aanvaard als niet blijkt van de uitdrukkelijke bedoeling van de wetgever om aan voormelde bepaling die werking te doen toekomen, hetgeen niet het geval is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b3b161528d8e3c6ce626ae744a5912b5d35d92323765c68f35922272b65b99d6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b3b161528d8e3c6ce626ae744a5912b5d35d92323765c68f35922272b65b99d6, en de alinea staat in dat document op bytes 13161 tot 13786.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b3b161528d8e3c6ce626ae744a5912b5d35d92323765c68f35922272b65b99d6 | shasum -a 256