Citaat | Hoge Raad 10 maart 2017

Onder 4.3. Hoge Raad 10 maart 2017

Een alinea uit Hoge Raad 10 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:392.

Uit ’s Hofs uitspraak volgt dat de heffingsambtenaar geen of onvoldoende rekening heeft gehouden met de voor de onroerende zaak overeengekomen huurprijs. De stukken van het geding laten geen andere conclusie toe dan dat belanghebbende al in de beroepsprocedure heeft gesteld dat die overeengekomen huurprijs als uitgangspunt voor de waardering van de onroerende zaak heeft te gelden. Voorts heeft de heffingsambtenaar eerst ter zitting van de Rechtbank het realiteitsgehalte van die huurprijs in twijfel getrokken en overlegging van de huurovereenkomst verlangd. Onder deze omstandigheden kan het gegeven dat belanghebbende de overeengekomen huurprijs pas in de procedure bij het Hof met bewijsstukken heeft gestaafd, niet leiden tot het oordeel dat de noodzaak tot het instellen van hoger beroep uitsluitend voortvloeide uit de handelwijze van de belanghebbende. De klacht in het principale beroep is derhalve terecht aangevoerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fdfeb5abbd54bade4a3a21cb6572c6e535447f80ab357cb8b6862465bb4892a9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fdfeb5abbd54bade4a3a21cb6572c6e535447f80ab357cb8b6862465bb4892a9, en de alinea staat in dat document op bytes 14287 tot 15233.