Citaat | Hoge Raad 7 februari 2017

Onder 4.2.1. Hoge Raad 7 februari 2017

Een alinea uit Hoge Raad 7 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:40.

1. [verdachte] (' [verdachte] ') staat vandaag terecht in 32 zaken ter zake van overtreding van art. 4 Vreemdelingenwet 2000. Namens cliënte zullen wij primair betogen dat cliënte vrij dient te worden gesproken. Subsidiair zullen wij betogen dat sprake is van afwezigheid van alle schuld. (...)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e994d282593d70721264200535d1d126f74b5a1f6ae1053307b46f8cdddfb70d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e994d282593d70721264200535d1d126f74b5a1f6ae1053307b46f8cdddfb70d, en de alinea staat in dat document op bytes 20467 tot 20776.