Citaat | Hoge Raad 14 maart 2017

Onder 3.2. Hoge Raad 14 maart 2017

Een alinea uit Hoge Raad 14 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:418.

"Voor degenen die geen beroep op de bijzondere strafuitsluitingsgrond van artikel 293, tweede lid kunnen doen, omdat zij de noodzakelijke hoedanigheid van arts niet bezitten, resteert de mogelijkheid om een beroep te doen op artikel 40 van het Wetboek van Strafrecht. Wij kunnen evenmin op voorhand uitsluiten dat een arts wiens beroep op de toepasselijkheid van de bijzondere strafuitsluitingsgrond faalt, zich alsnog op overmacht in de zin van artikel 40 (bij voorbeeld door middel van een beroep op overmacht als schulduitsluitingsgrond) kan beroepen. Over de kans dat een dergelijk beroep gehonoreerd zal worden is los van een concrete casus in zijn algemeenheid geen uitspraak te doen. Anders dan de leden van de CDA-fractie zijn wij van oordeel dat artikel 40 Sr. zijn gebruikelijke functie als algemene strafuitsluitingsgrond kan behouden."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/159e4183793e3ca8ce1e1463a246740a8b79a17113ca06e7a735d029d6f89205. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 159e4183793e3ca8ce1e1463a246740a8b79a17113ca06e7a735d029d6f89205, en de alinea staat in dat document op bytes 58391 tot 59252.