Citaat | Hoge Raad 14 maart 2017

Onder 2.2.3. Hoge Raad 14 maart 2017

Een alinea uit Hoge Raad 14 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:430.

Op 30 augustus 2001 heeft de curator, mr. Werner, aangifte gedaan van bedrieglijke bankbreuk. In deze aangifte geeft mr. Werner aan dat, voor zover hij heeft kunnen constateren, er binnen de Stichting geen andere administratie aanwezig was dan de klad kasadministratie/ handmatig bijgehouden kasboek die/dat hij van de eerder uitgetreden bestuurder [betrokkene 1] had ontvangen. Ondanks herhaalde vragen aan [betrokkene 1] en verdachte heeft de curator niet meer ontvangen dan op 7 mei 2001 een aantal dozen met administratieve bescheiden, waarvan de curator aan de FIOD een kopie van de specificatie van de inhoud heeft overhandigd. Deze specificatie vermeldt afschriften van drie bankrekeningnummers (Fortis periode 3-1-2000 t/m 16-10-2000, VSB-Bank periode 5-1-2000 t/m 16-10-2000 en SNS-Bank periode 7-1-2000 t/m 15-10-2000); een aantal kasstukken en -overzichten uit 1997, 1998, januari-maart 1999 en 18 archiefdozen met cliëntendossiers.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5f66cc086757d1df2593b88365017b67d816ee3952af36ae43fe35e102bc56db. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5f66cc086757d1df2593b88365017b67d816ee3952af36ae43fe35e102bc56db, en de alinea staat in dat document op bytes 31504 tot 32461.