Citaat | Hoge Raad 27 januari 2017

Onder 2.1.3. Hoge Raad 27 januari 2017

Een alinea uit Hoge Raad 27 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:45.

In deze aangifte heeft belanghebbende op de voet van artikel 10, lid 1, van de Wet op de belasting van personenauto’s en motorrijwielen 1992 (hierna: de Wet bpm) het bij de auto behorende bedrag aan bpm berekend met inachtneming van een vermindering. Deze vermindering heeft belanghebbende met toepassing van artikel 10, lid 2, van de Wet bpm bepaald aan de hand van de afschrijving, uitgedrukt in procenten van de som van de catalogusprijs, bedoeld in artikel 9, lid 4, van de Wet bpm, en de bpm, op het tijdstip waarop de auto voor het eerst in gebruik is genomen. Daarbij heeft hij gebruik gemaakt van een in de handel algemeen toegepaste koerslijst voor de inkoop van gebruikte motorrijtuigen door wederverkopers in Nederland als bedoeld in artikel 10, lid 7, eerste volzin, van de Wet bpm in samenhang gelezen met artikel 8, lid 4, letter a, van de Uitvoeringsregeling belasting van personenauto’s en motorrijwielen 1992; hierna: de Uitvoeringsregeling bpm).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/97df634b47ca650f42bc36468bbfdc08205f2eb2b5d4978292fc0a1dd07e9bf0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 97df634b47ca650f42bc36468bbfdc08205f2eb2b5d4978292fc0a1dd07e9bf0, en de alinea staat in dat document op bytes 7575 tot 8556.