Citaat | Hoge Raad 27 januari 2017
Onder 2.4.2. Hoge Raad 27 januari 2017
Een alinea uit Hoge Raad 27 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:45.
Uit de rechtspraak van de Hoge Raad volgt dat, teneinde te voldoen aan artikel 110 VWEU, bij de berekening van de waardedaling van de referentieauto moet worden uitgegaan van enerzijds de prijs waarvoor de referentieauto in nieuwe staat door een particulier is aangekocht (en bij welke prijsvorming rekening wordt gehouden met het wettelijk verschuldigde bedrag aan bpm ter zake van de registratie als ongebruikte auto en het wettelijk verschuldigde bedrag aan omzetbelasting ter zake van de levering) en anderzijds van de prijs waarvoor de referentieauto in dezelfde gebruikte staat als de auto waarvoor het bedrag aan verschuldigde bpm moet worden bepaald, door een handelaar van een particulier wordt aangekocht (vgl. het arrest BNB 2009/273, onderdeel 3.3, het arrest BNB 2012/147, onderdeel 3.5.3, en het arrest van de Hoge Raad van 19 september 2014, nr. 13/02558, ECLI:NL:HR:2014:2707, BNB 2015/2, onderdeel 3.6.2).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/97df634b47ca650f42bc36468bbfdc08205f2eb2b5d4978292fc0a1dd07e9bf0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 97df634b47ca650f42bc36468bbfdc08205f2eb2b5d4978292fc0a1dd07e9bf0, en de alinea staat in dat document op bytes 15319 tot 16255.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/97df634b47ca650f42bc36468bbfdc08205f2eb2b5d4978292fc0a1dd07e9bf0 | shasum -a 256