Citaat | Hoge Raad 21 maart 2017
Onder 2.3. Hoge Raad 21 maart 2017
Een alinea uit Hoge Raad 21 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:467.
Deze verklaringen passen ook bij de door haar aan [medeverdachte] verstuurde sms'jes "Waar ben jij?" en "Ik ga slapen, als je komt klop maar aan" dan dat het [medeverdachte] zou zijn geweest die dergelijke berichten vanuit de woning te Amsterdam, waar hij met [betrokkene 12] was, via de telefoon van [betrokkene 12] naar zijn eigen telefoon zou hebben verstuurd. Daarbij is voorts nog van belang dat [betrokkene 5] in dit verband heeft verklaard dat hij op de bewuste avond door [betrokkene 12] is gebeld met de vraag of hij wist waar [medeverdachte] was en dat hij in verband daarmee [betrokkene 13] daarover heeft gebeld. Hoewel [betrokkene 5] zijn verklaring later bijstelt, handhaaft hij daarbij in ieder geval zijn verklaring dat het [betrokkene 12] is geweest die hem die bewuste avond gebeld heeft met de vraag of hij weet waar [medeverdachte] is en dat hij in verband daarmee [betrokkene 13] heeft gebeld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f2d799326113ef4eabfeaa030ad1b6bdad72ded910a181eb747cfa458333dd55. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f2d799326113ef4eabfeaa030ad1b6bdad72ded910a181eb747cfa458333dd55, en de alinea staat in dat document op bytes 76760 tot 77687.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f2d799326113ef4eabfeaa030ad1b6bdad72ded910a181eb747cfa458333dd55 | shasum -a 256