Citaat | Hoge Raad 21 maart 2017

Onder 5.3. Hoge Raad 21 maart 2017

Een alinea uit Hoge Raad 21 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:467.

Het Hof heeft als bewijsmiddel 35 een verklaring van de medeverdachte [medeverdachte] voor het bewijs gebruikt die het evenwel blijkens de nadere bewijsoverweging in de aanvulling op het verkorte arrest als bedoeld in art. 365a, tweede lid, Sv uitdrukkelijk als kennelijk leugenachtig heeft aangemerkt. Gelet op hetgeen onder 5.2 is vooropgesteld heeft het Hof dat ten onrechte gedaan. Het middel klaagt daarover terecht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f2d799326113ef4eabfeaa030ad1b6bdad72ded910a181eb747cfa458333dd55. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f2d799326113ef4eabfeaa030ad1b6bdad72ded910a181eb747cfa458333dd55, en de alinea staat in dat document op bytes 92617 tot 93051.