Citaat | Hoge Raad 24 maart 2017

Onder 3.3.2 Hoge Raad 24 maart 2017

Een alinea uit Hoge Raad 24 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:484.

Door op grond van de hiervoor weergegeven, in onderlinge samenhang te beschouwen omstandigheden en overwegingen te oordelen dat Hanzevast Beleggingen als bestuurder van Hanzevast III aansprakelijk is jegens G4 omdat haar persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt van haar handelen, heeft het hof geen blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting. In zijn oordeel ligt besloten dat Hanzevast Beleggingen heeft bewerkstelligd of toegelaten dat Hanzevast III haar verplichtingen jegens G4 niet kon nakomen, terwijl Hanzevast Beleggingen wist of redelijkerwijze had behoren te begrijpen dat Hanzevast III geen verhaal zou bieden voor de schadevordering van G4 doordat Hanzevast Beleggingen niet ervoor heeft zorggedragen dat Hanzevast III van financiële middelen is voorzien. Het oordeel van het hof kan, verweven als het is met waarderingen van feitelijke aard, in cassatie niet verder op juistheid worden onderzocht; het is ook niet onbegrijpelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4cd458ae1c4d70901f291a97c16db4f4aa9cdcad7e424f96192f02de7b4ce252. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4cd458ae1c4d70901f291a97c16db4f4aa9cdcad7e424f96192f02de7b4ce252, en de alinea staat in dat document op bytes 23914 tot 24885.