Citaat | Hoge Raad 10 januari 2017
Alinea 53 Hoge Raad 10 januari 2017
Een alinea uit Hoge Raad 10 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:513.
4. Naar aanleiding van het bepaalde in artikel 80 a RO mag van degene die cassatiemiddelen indient, worden verlangd dat hij aangeeft welk j rechtens te respecteren belang daarmee wordt gediend. Artikel 80 a RO geeft uw Raad de bevoegdheid om, gehoord de Procureur-Generaal- een ingesteld beroep in cassatie, niet ontvankelijk te verklaren wanneer de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen, omdat de partij dit cassatieberoep instelt, klaarblijkelijk om onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep, of omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden. Op 1 juli 2012 is deze bepaling in werking getreden en heeft uw Raad in de arresten van 11 september 2012 enkele aspecten van die toen nieuwe voorziening behandeld. In op 7 juni 2016 heeft u Raad in het arrest een vervolg gegeven op deze overzicht arresten. ECLI: NL:HR: 2016:105
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c3d419af02ab5ad016bb454b7cb1f0830e3239523c9669490a6aab74f2842dd7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c3d419af02ab5ad016bb454b7cb1f0830e3239523c9669490a6aab74f2842dd7, en de alinea staat in dat document op bytes 18954 tot 19844.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c3d419af02ab5ad016bb454b7cb1f0830e3239523c9669490a6aab74f2842dd7 | shasum -a 256