Citaat | Hoge Raad 31 maart 2017
Onder 3.1.2. Hoge Raad 31 maart 2017
Een alinea uit Hoge Raad 31 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:530.
Het Hof heeft vervolgens geoordeeld dat het aan kennelijk onbehoorlijk bestuur van belanghebbende is te wijten dat de naheffingsaanslagen, voor zover betrekking hebbend op de maanden september en oktober 2008, niet zijn betaald. Het Hof heeft daaraan ten grondslag gelegd de door het Hof aannemelijk geachte omstandigheid dat belanghebbende aan terugbetaling van de schuld aan de bank voorrang heeft gegeven boven nakoming en voldoening van belastingverplichtingen in verband met de voortgezette bedrijfsvoering. Zelfs als, zoals belanghebbende voor het Hof betoogde, de bank als eerste betaald zou moeten worden vanwege de aan de bank verstrekte zekerheden dan nog zou belanghebbende, aldus het Hof, niet zonder meer hebben mogen toegeven aan de druk van de bank om de schuld aan de bank volledig te betalen zonder daarover overleg te plegen met de Ontvanger, die tevens bevoorrecht schuldeiser is, om zeker te stellen dat ook aan de Ontvanger (deels) zou worden betaald.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/41c574481f10c0c21c76dc3990338be402fdc84350764bff45b71dd95beb49d9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 41c574481f10c0c21c76dc3990338be402fdc84350764bff45b71dd95beb49d9, en de alinea staat in dat document op bytes 14422 tot 15408.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/41c574481f10c0c21c76dc3990338be402fdc84350764bff45b71dd95beb49d9 | shasum -a 256