Citaat | Hoge Raad 31 maart 2017

Onder 3.26. Hoge Raad 31 maart 2017

Een alinea uit Hoge Raad 31 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:571.

In dit geval zijn aan het verzoek tot voorwaardelijke ontbinding dezelfde argumenten ten grondslag gelegd als aan de opzegging om een dringende reden. Weliswaar heeft Vlisco ook nog ontbinding verzocht op de g-grond en op de h-grond, maar daartoe zijn geen andere argumenten aangedragen, zoals in r.o. 3.24 al is overwogen. Kort samengevat gaat het erom dat de gebeurtenissen tot 20 juli 2015 voor Vlisco geen reden waren om te streven naar een beëindiging van de arbeidsovereenkomst. Hetgeen daarna is gebeurd op 27 juli 2015 staat niet vast en kan in dit geding ook niet vast komen te staan. [verzoeker] heeft meermaals uitdrukkelijk gesteld dat hij zijn arbeidsovereenkomst met Vlisco wil voortzetten. Nu daar geen andere argumenten tegenin zijn gebracht dan hetgeen hiervoor reeds is besproken en als onvoldoende voor een ontbinding is geacht, zal het hof Vlisco veroordelen tot herstel van de arbeidsovereenkomst, uiteraard slechts voor het geval dat de opzegging wordt vernietigd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7b3e1e086b30228fe9ff84ff05ee6f7e4ff2a8096104135fb88c3ccc80955a78. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7b3e1e086b30228fe9ff84ff05ee6f7e4ff2a8096104135fb88c3ccc80955a78, en de alinea staat in dat document op bytes 15192 tot 16192.