Citaat | Hoge Raad 31 maart 2017

Onder 3.3.6 Hoge Raad 31 maart 2017

Een alinea uit Hoge Raad 31 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:572.

Op de hiervoor in 3.3.4 en 3.3.5 genoemde gronden moet de prejudiciële vraag aldus worden beantwoord dat onder ‘van toepassing is geweest’ als bedoeld in art. 288 lid 2, aanhef en onder d, Fw in geval van beëindiging op de voet van art. 354 Fw moet worden verstaan de afloop van de termijn als bedoeld in art. 349a Fw.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cb67d5b3a143fc365005ed3c0d5f1b01e66459befb68479543459a96bda6af7d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cb67d5b3a143fc365005ed3c0d5f1b01e66459befb68479543459a96bda6af7d, en de alinea staat in dat document op bytes 13965 tot 14302.