Citaat | Hoge Raad 4 april 2017
Onder 3.2.2. Hoge Raad 4 april 2017
Een alinea uit Hoge Raad 4 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:580.
Te Roosteren reden wij op het fietspad. Opeens zagen wij twee mannen lopend ons tegemoet komen. Eén van de mannen sprak ons aan om even te stoppen. Wij stopten. Opeens haalde de man met zijn rechterhand een pistool uit zijn jas. Hij richtte met zijn pistool op ons drieën. Vervolgens zei de man dat wij alles moesten inleveren. Hij ging eerst naar [betrokkene 1] en [betrokkene 1] gaf hem zijn portemonnee. Vervolgens ging hij naar [betrokkene 3] en hij gaf zijn GSM en portemonnee. Vervolgens kwam de man met het pistool naar mij en ik gaf hem mijn GSM en mijn portemonnee.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7ce91bb7f857c271e6f688efe56b3dcb2a5459775b78861ea2f4f6058cb9b7cc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7ce91bb7f857c271e6f688efe56b3dcb2a5459775b78861ea2f4f6058cb9b7cc, en de alinea staat in dat document op bytes 10525 tot 11114.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7ce91bb7f857c271e6f688efe56b3dcb2a5459775b78861ea2f4f6058cb9b7cc | shasum -a 256