Citaat | Hoge Raad 4 april 2017

Onder 2.2.2. Hoge Raad 4 april 2017

Een alinea uit Hoge Raad 4 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:581.

Bij de vraag of sprake is van voorbedachte raad gaat het bij uitstek om een weging en waardering van de omstandigheden van het concrete geval, waarbij de rechter het gewicht moet bepalen van de aanwijzingen die voor of tegen het bewezen verklaren van voorbedachte raad pleiten. De vaststelling dat een verdachte voldoende tijd had om zich te beraden op het te nemen of het genomen besluit vormt weliswaar een belangrijke objectieve aanwijzing, maar behoeft de rechter niet ervan te weerhouden aan contra-indicaties een zwaarder gewicht toe te kennen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/69800fc1225a140116727da952635cd83272d3d984e8604849e7e64876f6f8a2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 69800fc1225a140116727da952635cd83272d3d984e8604849e7e64876f6f8a2, en de alinea staat in dat document op bytes 12627 tot 13190.