Citaat | Hoge Raad 4 april 2017
Onder 4.2. Hoge Raad 4 april 2017
Een alinea uit Hoge Raad 4 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:592.
32. In casu is echter ook sprake van een structureel verzuim, de Nederlandse wetgeving deugt immers niet en het zou mij niet verbazen als alleen vandaag al de politie weer wat mobiele telefoons heeft doorzocht zodat as we speak nieuwe art. 8 EVRM schendingen plaatsvinden. In de diverse rechterlijke uitspraken binnen en buiten de Nederlandse rechtssfeer heeft de Nederlandse wetgever geen aanleiding gezien het wettelijk kader aan te passen. Ik meen derhalve dat een krachtig signaal moet worden afgegeven aan de wetgever dat ingrijpen noodzakelijk is. Zelfs indien uw Hof tot een andere afweging komt waar het de ingrijpendheid van de inbreuk betreft lijkt me bewijsuitsluiting ook om deze reden gepast.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/25bc60ecf7fc8094eaea37ee3134ab77f3d621b6d3aaf035f8718525d86420a6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 25bc60ecf7fc8094eaea37ee3134ab77f3d621b6d3aaf035f8718525d86420a6, en de alinea staat in dat document op bytes 34320 tot 35038.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/25bc60ecf7fc8094eaea37ee3134ab77f3d621b6d3aaf035f8718525d86420a6 | shasum -a 256