Citaat | Hoge Raad 4 april 2017

Onder 2.3. Hoge Raad 4 april 2017

Een alinea uit Hoge Raad 4 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:592.

Voorts heeft de verdediging aangevoerd dat deze werkwijze weliswaar is toegestaan op basis van de huidige Nederlandse wetgeving op het gebied van inbeslagneming, maar dat deze regelgeving thans niet (meer) is toegesneden op de feitelijke situatie waarin mensen vandaag de dag in de maatschappij functioneren, en waarbij, zoals hier het geval is, een smartphone een bron van opslag is van het hele privé-leven van de gebruiker van de smartphone.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/25bc60ecf7fc8094eaea37ee3134ab77f3d621b6d3aaf035f8718525d86420a6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 25bc60ecf7fc8094eaea37ee3134ab77f3d621b6d3aaf035f8718525d86420a6, en de alinea staat in dat document op bytes 21304 tot 21762.