Citaat | Hoge Raad 14 april 2017
Onder 2.1.10. Hoge Raad 14 april 2017
Een alinea uit Hoge Raad 14 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:671.
De Inspecteur heeft het standpunt ingenomen dat de resultaten die zijn opgekomen uit de langdurige en nauwe samenwerking van belanghebbende met [B] moeten worden aangemerkt als winst uit onderneming en dat die onderneming door belanghebbende met behulp van [B] als vaste vertegenwoordiger in Nederland is gedreven. Daarvan uitgaande heeft de Inspecteur de hiervoor in 2.1.6 en 2.1.7 genoemde winsten uit de Spinnerijtransactie en de VBK‑transactie ten dele tot de in Nederland belastbare winst uit die onderneming gerekend. Om die reden heeft hij ter zake van de Spinnerijtransactie op 3 november 2006, met toepassing van artikel 16, lid 4, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (tekst voor het onderhavige jaar; hierna: AWR), de onderhavige navorderingsaanslag opgelegd en heeft hij ter zake van de VBK-transactie op 30 december 2004 aan belanghebbende een navorderingsaanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen over het jaar 1999 opgelegd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/507d7e5b01be8a82b3f152e10074b3d976b929175b423db7632be3537ab7d524. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 507d7e5b01be8a82b3f152e10074b3d976b929175b423db7632be3537ab7d524, en de alinea staat in dat document op bytes 12700 tot 13679.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/507d7e5b01be8a82b3f152e10074b3d976b929175b423db7632be3537ab7d524 | shasum -a 256