Citaat | Hoge Raad 14 april 2017

Onder 2.4.2. Hoge Raad 14 april 2017

Een alinea uit Hoge Raad 14 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:676.

Voor zover de middelen ervan uitgaan dat het Hof de door [DDD] en [BBB] betaalde rente heeft aangemerkt als resultaat uit overige werkzaamheden berusten zij op een onjuiste lezing van ’s Hofs uitspraak (vgl. onderdeel 6.12 van de conclusie van de Advocaat-Generaal).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0f4c7e8178ebdc32d44813a4c6e863dbe9d480aced6aba6841b0dc52082490a9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0f4c7e8178ebdc32d44813a4c6e863dbe9d480aced6aba6841b0dc52082490a9, en de alinea staat in dat document op bytes 21604 tot 21885.