Citaat | Hoge Raad 14 april 2017

Onder 3.3.4 Hoge Raad 14 april 2017

Een alinea uit Hoge Raad 14 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:689.

32 Daarentegen kan voornoemde bepaling niet worden uitgelegd als zou de Uniewetgever ervan af hebben gezien de reikwijdte van dat begrip in de zin van richtlijn 2008/104 en daarmee de personele werkingssfeer ervan, zelf vast te leggen. De Uniewetgever heeft het immers, zoals blijkt uit de punten 25 en 26 van het onderhavige arrest, niet aan de lidstaten overgelaten om dit begrip eenzijdig te definiëren, doch in artikel 3, lid 1, onder a), van deze richtlijn zelf de contouren daarvan nader aangegeven, zoals hij dit overigens ook heeft gedaan met betrekking tot de definitie van ‘uitzendkracht’ in artikel 3, lid 1, onder c), van voornoemde richtlijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6cec033093532ef4d442d898b8d46ec2f622dafc8f588b62be9e19a671f7fe26. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6cec033093532ef4d442d898b8d46ec2f622dafc8f588b62be9e19a671f7fe26, en de alinea staat in dat document op bytes 28461 tot 29134.