Citaat | Hoge Raad 14 april 2017
Onder 3.4.3 Hoge Raad 14 april 2017
Een alinea uit Hoge Raad 14 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:693.
Het hof is bij zijn (hiervoor in 3.3.2 weergegeven) oordeel uitgegaan van de beslissing in HR 9 februari 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ2658, NJ 2007/306. Die beslissing luidt dat de eisen van redelijkheid en billijkheid die de rechtsverhouding tussen ex-echtgenoten beheersen, in het algemeen zullen meebrengen dat de tot verevening verplichte echtgenoot die als directeur en enig aandeelhouder de rechtspersoon beheerst waarin de te verevenen pensioenaanspraak is ondergebracht, dient zorg te dragen voor afstorting bij een externe pensioenverzekeraar van het kapitaal dat nodig is voor het aan de andere echtgenoot toekomende deel van de pensioenaanspraak (zie aldus ook HR 20 maart 2009, ECLI:NL:HR:2009:BG9458, NJ 2009/155). Deze beslissing berust daarop dat van de vereveningsgerechtigde echtgenoot in beginsel niet kan worden gevergd dat deze bij voortduring afhankelijk blijft van het beleid dat de andere echtgenoot ten aanzien van de betrokken rechtspersoon (en de onderneming waaraan deze verbonden is) voert en het risico moet blijven dragen dat het in eigen beheer opgebouwde pensioen te zijner tijd niet kan worden betaald.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2419fbf4b2c8dd08442ac3002b216f406b69438fca6dcf54d1a086d104677688. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2419fbf4b2c8dd08442ac3002b216f406b69438fca6dcf54d1a086d104677688, en de alinea staat in dat document op bytes 14914 tot 16057.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2419fbf4b2c8dd08442ac3002b216f406b69438fca6dcf54d1a086d104677688 | shasum -a 256