Citaat | Hoge Raad 14 april 2017

Onder 3.4.6 Hoge Raad 14 april 2017

Een alinea uit Hoge Raad 14 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:693.

Uit het vorenstaande volgt dat het hof terecht, in het voetspoor van de door hem benoemde deskundige, is uitgegaan van de commerciële waarde van het in [A] B.V. opgebouwde pensioen, maar dat het heeft miskend dat het vervolgens had te onderzoeken of het in [A] B.V. aanwezige kapitaal toereikend is om én de pensioenaanspraak van de man af te storten, én de overblijvende pensioenaanspraak van de vrouw te dekken, op de hiervoor in 3.4.5 omschreven wijze. De verwijzing door het hof naar nog door [A] B.V. te behalen rendementen en naar de verdiencapaciteit van de vrouw, duidt immers erop dat dit kapitaal niet in de vennootschap aanwezig is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2419fbf4b2c8dd08442ac3002b216f406b69438fca6dcf54d1a086d104677688. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2419fbf4b2c8dd08442ac3002b216f406b69438fca6dcf54d1a086d104677688, en de alinea staat in dat document op bytes 18772 tot 19431.