Citaat | Hoge Raad 18 april 2017

Onder 2.2. Hoge Raad 18 april 2017

Een alinea uit Hoge Raad 18 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:706.

De enkele omstandigheid dat door het niet-inachtnemen van een vormvoorschrift een verdenking ontstaat van een aan de verdachte tenlastegelegd feit of voor dat feit relevant bewijsmateriaal wordt aangetroffen, maakt niet dat daardoor een vormverzuim is begaan binnen het verband waarop de rechter bij toepassing van art. 359a acht slaat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f54c8b825b3fd5adf7c59b3c3311cd0d63c0d7521eaad7b036d731a9e6f08167. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f54c8b825b3fd5adf7c59b3c3311cd0d63c0d7521eaad7b036d731a9e6f08167, en de alinea staat in dat document op bytes 13371 tot 13721.