Citaat | Hoge Raad 18 april 2017
Onder 4.3. Hoge Raad 18 april 2017
Een alinea uit Hoge Raad 18 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:706.
De toepassing van art. 359a Sv is onder meer beperkt tot vormverzuimen die zijn begaan bij het voorbereidend onderzoek tegen de verdachte. Ingevolge art. 132 Sv moet daaronder worden verstaan het onderzoek dat voorafgaat aan het onderzoek ter terechtzitting. Onder die vormverzuimen zijn met name ook begrepen normschendingen bij de opsporing. Daarbij dient op grond van art. 132a Sv onder opsporing te worden verstaan het onderzoek in verband met strafbare feiten onder gezag van de officier van justitie met als doel het nemen van strafvorderlijke beslissingen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f54c8b825b3fd5adf7c59b3c3311cd0d63c0d7521eaad7b036d731a9e6f08167. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f54c8b825b3fd5adf7c59b3c3311cd0d63c0d7521eaad7b036d731a9e6f08167, en de alinea staat in dat document op bytes 18919 tot 19496.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f54c8b825b3fd5adf7c59b3c3311cd0d63c0d7521eaad7b036d731a9e6f08167 | shasum -a 256