Citaat | Hoge Raad 21 april 2017

Onder 2.5.5. Hoge Raad 21 april 2017

Een alinea uit Hoge Raad 21 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:712.

Voor zover het vierde middel ten slotte betoogt dat het Hof heeft miskend dat de terbeschikkingstelling van de auto’s aan de werknemers slechts de bedrijfseconomische doeleinden van de onderneming van belanghebbende diende, hoeft het middel bij gebrek aan feitelijke grondslag geen behandeling meer. In de reactie op de conclusie van de Advocaat‑Generaal heeft belanghebbende meegedeeld dat de desbetreffende bestelauto’s ook voor privédoeleinden ter beschikking hebben gestaan van de werknemers zodat de door de Advocaat‑Generaal in onderdeel 7.33 van de conclusie voorgestelde verwijzing voor nader feitenonderzoek achterwege kan blijven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/677cf5ce9790cedf896d7955f5cc84a3b894416e2d36dd6a44d18f8b1464f3b1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 677cf5ce9790cedf896d7955f5cc84a3b894416e2d36dd6a44d18f8b1464f3b1, en de alinea staat in dat document op bytes 33276 tot 33939.