Citaat | Hoge Raad 27 januari 2017

Onder 2.3.2. Hoge Raad 27 januari 2017

Een alinea uit Hoge Raad 27 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:78.

In het arrest van 29 januari 2016, 14/01502, ECLI:NL:HR:2016:119, BNB 2016/69 (hierna: het arrest BNB 2016/69), onderdeel 4.2, heeft de Hoge Raad overwogen dat de Wet voor de berekening van de verschuldigde bpm onderscheid maakt tussen een nieuwe personenauto en een gebruikte personenauto. In dit arrest heeft de Hoge Raad onder verwijzing naar het arrest van 14 september 2012, nr. 12/00848, ECLI:NL:HR:2012:BX7199, BNB 2012/280, herhaald dat onder een nieuwe personenauto moet worden verstaan een auto die na de vervaardiging ervan niet of nauwelijks in gebruik is geweest. Een personenauto die niet als een nieuwe personenauto in voormelde zin kan worden aangemerkt, moet daarom – zo volgt uit het arrest BNB 2016/69 – als een gebruikte personenauto in de zin van de Wet worden aangemerkt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c72041e6e63d91296daa159ca27862c3eb50a3f64c5e996e995c7f20544849f1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c72041e6e63d91296daa159ca27862c3eb50a3f64c5e996e995c7f20544849f1, en de alinea staat in dat document op bytes 10754 tot 11564.