Citaat | Hoge Raad 9 mei 2017

Onder 4.2. Hoge Raad 9 mei 2017

Een alinea uit Hoge Raad 9 mei 2017, ECLI:NL:HR:2017:830.

Ook zonder uitsluiting van de bewijsmiddelen 8 en 9 kan uit de bewijsvoering niet zonder meer volgen dat [A] de onderhavige aangiften omzetbelasting telkens opzettelijk onjuist of onvolledig heeft gedaan. Daaruit kan immers niet zonder meer worden afgeleid dat [A] telkens minst genomen bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat zij "met de handeling waarvoor aanspraak op het betrokken recht wordt gemaakt, deelnam aan fraude ter zake van de btw in het kader van een keten van leveringen" als bedoeld in HR 18 maart 2016, ECLI:NL:HR:2016:442, BNB 2016/97 (belastingkamer), in welk geval ter zake van de aan haar geleverde auto's geen recht op aftrek van omzetbelasting bestond, maar [A] die aftrek desalniettemin heeft geclaimd en de verdachte daaraan feitelijke leiding heeft gegeven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b35f644a9211acf90caedacf1e23848a512ee1a7d7ed3524b75da714ce56b0d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b35f644a9211acf90caedacf1e23848a512ee1a7d7ed3524b75da714ce56b0d8, en de alinea staat in dat document op bytes 40258 tot 41063.