Citaat | Hoge Raad 12 mei 2017
Onder 2.3.4. Hoge Raad 12 mei 2017
Een alinea uit Hoge Raad 12 mei 2017, ECLI:NL:HR:2017:847.
Dat bij de vaststelling van het op de voet van artikel 9 van de Wet verschuldigde bedrag aan bpm (waarop een vermindering in verband met de gebruikte staat van het motorvoertuig wordt toegepast) op basis van het Kaderbesluit bpm is uitgegaan van de netto catalogusprijs van een voor dat doel vergelijkbare gesloten bestelauto, doet aan het hiervoor in 2.3.3 overwogene niet af. De goedkeuring van het Kaderbesluit bpm gold ook al bij de registratie van nieuwe en gebruikte kampeerauto’s in september 2010. Wanneer bij de vermindering van het hiervoor bedoelde verschuldigde bedrag aan bpm rekening wordt gehouden met een (bij benadering) reële waardevermindering van kampeerauto’s is geen sprake van een discriminerende heffing in de hiervoor in 2.3.2 bedoelde zin. Van strijd met artikel 110 VWEU is geen sprake. De middelen falen ook in zoverre.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e44f48edf6b28431811194ae3f17fb353a41456b978c88b976314019c372529. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e44f48edf6b28431811194ae3f17fb353a41456b978c88b976314019c372529, en de alinea staat in dat document op bytes 16412 tot 17277.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4e44f48edf6b28431811194ae3f17fb353a41456b978c88b976314019c372529 | shasum -a 256