Citaat | Hoge Raad 16 mei 2017

Onder 2.2.3. Hoge Raad 16 mei 2017

Een alinea uit Hoge Raad 16 mei 2017, ECLI:NL:HR:2017:883.

"De advocaat-generaal en de raadsman van de verdachte hebben zich ter terechtzitting in hoger beroep op het standpunt gesteld dat het openbaar ministerie in de vervolging van de verdachte ter zake van het onder 2 ten laste gelegde niet-ontvankelijk dient te worden verklaard, nu de verdachte de haar verweten uitlatingen heeft gedaan tijdens een vergadering van een bestuurscommissie, als bedoeld in artikel 83, eerste lid, van de Gemeentewet, zodat de verdachte op grond van artikel 83, vierde lid, in verbinding met artikel 22 van de Gemeentewet voor die uitlatingen niet in rechte kan worden vervolgd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b4b2a6585ebd8099ba2fe67e9c40a21600268a587d92adf50a124a7f247395b9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b4b2a6585ebd8099ba2fe67e9c40a21600268a587d92adf50a124a7f247395b9, en de alinea staat in dat document op bytes 14006 tot 14623.