Citaat | Hoge Raad 23 mei 2017

Onder 2.2.1. Hoge Raad 23 mei 2017

Een alinea uit Hoge Raad 23 mei 2017, ECLI:NL:HR:2017:944.

Ik, [verbalisant 7] , bestuurde het dienstvoertuig en draaide het dienstvoertuig linksaf het Burgtpad op. Wij zagen toen dat er aan de rechterzijde van de bus een grijze personenauto van het merk Peugeot, type 207, grijs van kleur en voorzien van het kenteken [AA-00-BB] stond. Wij zagen dat de witte bus van het merk Mercedes, type Vito, wit van kleur en voorzien van het kenteken [CC-00-DD] was. Wij zagen tevens dat beide portieren van de Mercedes open stonden. Wij zagen dat beide voertuigen met de neus in de richting van Purmerland geparkeerd stonden. Ik stuurde het voertuig met een bocht naar links teneinde beide voertuigen in de koplampen van ons dienstvoertuig zichtbaar te maken. Hierbij zagen wij dat aan de bestuurderszijde van de Peugeot een persoon ter hoogte van het achterportier op de grond lag. Wij zagen dat deze persoon half op zijn rechterzij lag. Wij zagen dat deze persoon in een gekromde houding lag. Wij noemen deze persoon verder in dit proces-verbaal persoon 1.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/05e41fede7d18f21724fe3bf56ab576916c3a679b81a1d647e99702b09fdd500. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 05e41fede7d18f21724fe3bf56ab576916c3a679b81a1d647e99702b09fdd500, en de alinea staat in dat document op bytes 23040 tot 24043.