Citaat | Hoge Raad 29 juni 2018

Onder 3.4.5 Hoge Raad 29 juni 2018

Een alinea uit Hoge Raad 29 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:1027.

Onderdeel IIa voert terecht aan dat het oordeel van het hof in het licht van de hiervoor in 3.4.4 weergegeven maatstaf geen stand kan houden. Indien het hof heeft geoordeeld dat de verkrijging van de contractuele boete geen voordeel kan opleveren omdat [verweerster 1] en [verweerster 2] deze niet van [eiseres] maar van een derde hebben ontvangen, geeft dat oordeel blijk van een onjuiste rechtsopvatting. Ook van derden ontvangen voordelen komen immers, indien aan de uit de maatstaf voortvloeiende eisen is voldaan, voor toerekening in aanmerking. Indien het hof de betaling van de boete op een andere grond niet als een voor toerekening in aanmerking komend voordeel heeft beschouwd, behoefde dat oordeel nadere motivering.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8e6f950287f5fe01d4b26e192080fd4403a3679b60975cc93d02ae4567217efc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8e6f950287f5fe01d4b26e192080fd4403a3679b60975cc93d02ae4567217efc, en de alinea staat in dat document op bytes 22661 tot 23401.