Citaat | Hoge Raad 3 juli 2018
Onder 2.5. Hoge Raad 3 juli 2018
Een alinea uit Hoge Raad 3 juli 2018, ECLI:NL:HR:2018:1068.
Nochtans leidt de gegrondheid van het middel niet tot vernietiging van de bestreden uitspraak. Dat berust op het volgende. De door het Hof opgelegde gevangenisstraf van vijf maanden, waarvan twee maanden voorwaardelijk, ligt ver onder het strafmaximum van vier jaren dat zou gelden als met de steller van het middel van eendaadse samenloop zou worden uitgegaan terwijl het Hof, ook indien het bij de strafoplegging was uitgegaan van eendaadse samenloop van de bewezenverklaarde feiten, bij de waardering van die feiten gewicht mocht toekennen aan de omstandigheid dat bij de poging tot – kort gezegd – gekwalificeerde diefstal schade is ontstaan aan ramen van de woning. De verdachte heeft dus onvoldoende belang bij cassatie.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bd17ae49c1a048caec914bec071af37ba9e4261d648b02e52160d9260a1c25a9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bd17ae49c1a048caec914bec071af37ba9e4261d648b02e52160d9260a1c25a9, en de alinea staat in dat document op bytes 15616 tot 16359.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bd17ae49c1a048caec914bec071af37ba9e4261d648b02e52160d9260a1c25a9 | shasum -a 256