Citaat | Hoge Raad 30 januari 2018

Onder 2.2. Hoge Raad 30 januari 2018

Een alinea uit Hoge Raad 30 januari 2018, ECLI:NL:HR:2018:113.

Vanuit mijn werk ken ik [verdachte] en [slachtoffer] . [verdachte] en [slachtoffer] waren altijd samen. Ongeveer twee en een halve maand geleden stonden zij op een dag samen bij mij aan de deur. Ik zag toen dat [slachtoffer] twee blauwe ogen had. Een tijdje later, na die dag dat ik [slachtoffer] zag met twee blauwe ogen, vertelde [verdachte] dat hij een nieuwe laptop had. [slachtoffer] vertelde toen dat [verdachte] die oude laptop op haar hoofd kapot had geslagen en dat hij daarom een nieuwe had moeten kopen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a563eb44684e48b8c8967acaaa50029248498e21cf422a5b4569979465af6b88. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a563eb44684e48b8c8967acaaa50029248498e21cf422a5b4569979465af6b88, en de alinea staat in dat document op bytes 15898 tot 16425.