Citaat | Hoge Raad 13 juli 2018
Onder 3.6 Hoge Raad 13 juli 2018
Een alinea uit Hoge Raad 13 juli 2018, ECLI:NL:HR:2018:1172.
In dat verband is van belang dat rov. 3.3 van het eindarrest kennelijk aldus moet worden begrepen dat [eisers] bij gelegenheid van die comparitie een nieuwe grond voor herroeping hebben aangevoerd (te weten dat BDO bedrog heeft gepleegd door onware feiten over de arbeidsongeschiktheid van [eiser 1] te presenteren en dat BDO stukken van beslissende aard over dit onderwerp heeft achtergehouden), en dat het hof BDO in de gelegenheid heeft gesteld om na de comparitie schriftelijk op deze nieuwe grond te reageren. Dit betekent dat het verweer van BDO tegen de nieuwe grond voor herroeping tijdens de comparitie geen voorwerp van debat heeft kunnen vormen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fb33db07444bffb37cf5bf0b78ac1ea901f92dc1fb636db8f9c1040c9e4962ff. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fb33db07444bffb37cf5bf0b78ac1ea901f92dc1fb636db8f9c1040c9e4962ff, en de alinea staat in dat document op bytes 14478 tot 15147.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fb33db07444bffb37cf5bf0b78ac1ea901f92dc1fb636db8f9c1040c9e4962ff | shasum -a 256