Citaat | Hoge Raad 13 juli 2018
Onder 3.9.3 Hoge Raad 13 juli 2018
Een alinea uit Hoge Raad 13 juli 2018, ECLI:NL:HR:2018:1209.
Voor de betekenis van het arrest Van der Gulik/Vissers is van belang dat een schorsing en een op non-actiefstelling eenzijdig door de werkgever opgelegde maatregelen zijn die weliswaar (kunnen) berusten op (vermeend) verwijtbaar gedrag van de werknemer, maar waaraan de wet geen gevolgen verbindt voor het recht op loon. Uit het arrest Van der Gulik/Vissers volgt dat een zodanig gevolg wel mogelijk is indien daarvoor een wettelijke grondslag bestaat (in het arrest: indien op grond van de daartoe in art. 7:628 lid 5 (oud) BW geopende mogelijkheid bij schriftelijke overeenkomst of bij reglement van art. 7:628 lid 1 (oud) BW was afgeweken).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/96ed265e073347d6f5d7da249b06d5ccbab520cd4fa702d5575a2b9b9b275251. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 96ed265e073347d6f5d7da249b06d5ccbab520cd4fa702d5575a2b9b9b275251, en de alinea staat in dat document op bytes 25965 tot 26621.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/96ed265e073347d6f5d7da249b06d5ccbab520cd4fa702d5575a2b9b9b275251 | shasum -a 256