Citaat | Hoge Raad 2 februari 2018

Onder 2.11 Hoge Raad 2 februari 2018

Een alinea uit Hoge Raad 2 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:145.

Vast staat dat [verzoekster] tijdens haar schuldsanering substantiële nieuwe schulden heeft laten ontstaan ter zake ten onrechte ontvangen huur- en zorgtoeslagen. De vraag is of die nieuwe schulden haar kunnen worden toegerekend. Naar het oordeel van het hof moet die vraag bevestigend worden beantwoord. Dat oordeel is gebaseerd op de verklaring van de bewindvoerder ter zitting. Het hof ziet geen aanleiding om aan de juistheid daarvan te twijfelen. Het verbindt daaraan de conclusie dat de bewindvoerder wel degelijk voldoende heeft gedaan ter monitoring van de beschermingsbewindaanvraag van [verzoekster]. Dat het beschermingsbewind er niet is gekomen, moet dan ook niet voor rekening van de bewindvoerder worden gebracht, maar voor die van [verzoekster] zelf. Voldoende aannemelijk is geworden dat zij vanwege haar vrees voor stopzetting van de toeslagen haar medewerking aan het aanvragen van beschermingsbewind heeft geweigerd. Daarbij wordt mede in aanmerking genomen dat in de verslagen van de bewindvoerder van 9 december 2015 en 25 februari 2016 staat vermeld dat [verzoekster] ondanks meerdere verzoeken haar toeslagen niet heeft stopgezet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5fca9cbb4c34523fc96598d9ed6490f44fc92f2a71bfccc86358ad7e9a7e5340. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5fca9cbb4c34523fc96598d9ed6490f44fc92f2a71bfccc86358ad7e9a7e5340, en de alinea staat in dat document op bytes 12025 tot 13206.