Citaat | Hoge Raad 2 februari 2018

Onder 3.4.2 Hoge Raad 2 februari 2018

Een alinea uit Hoge Raad 2 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:148.

Voor de uitleg van hetgeen tussen De Horn B.V. en [eiser] c.s. ter gelegenheid van de levering van de parkeerplaats met betrekking tot de parkbijdrage is overeengekomen, komt het aan op de zin die De Horn B.V. en [eiser] c.s. in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan de bepalingen van hun overeenkomst mochten toekennen en op hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten, waarbij alle omstandigheden van het geval van belang zijn (de Haviltex-maatstaf). Gelet op het hiervoor in 3.4.1 overwogene, is het aldus overeengekomene ook bepalend voor de rechtsverhouding tussen [eiser] c.s. en de successieve rechtsopvolgers van De Horn B.V.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1fc28c641f7af9fb43ad0a88f5d3c7c3951889626a84034442d89b67577fe627. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1fc28c641f7af9fb43ad0a88f5d3c7c3951889626a84034442d89b67577fe627, en de alinea staat in dat document op bytes 24720 tot 25415.