Citaat | Hoge Raad 2 februari 2018
Onder 3.5 Hoge Raad 2 februari 2018
Een alinea uit Hoge Raad 2 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:148.
Deze klacht faalt. Het is niet onbegrijpelijk dat het hof de door het onderdeel onder A-D weergegeven stellingen heeft opgevat als stellingen die volgens [eiser] c.s. van belang zijn voor de uitleg van de hiervoor in 3.1 onder (v) en (vi) genoemde bedingen en dat het daarin geen beroep op de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid heeft gelezen. Voor ambtshalve aanvulling van de rechtsgronden, aldus dat de stellingen van [eiser] c.s. zouden worden verstaan als een beroep op de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid, is geen plaats, omdat daarvoor door [eiser] c.s. daarop toegesneden (bijzondere) feiten hadden moeten worden ingeroepen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1fc28c641f7af9fb43ad0a88f5d3c7c3951889626a84034442d89b67577fe627. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1fc28c641f7af9fb43ad0a88f5d3c7c3951889626a84034442d89b67577fe627, en de alinea staat in dat document op bytes 29192 tot 29877.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1fc28c641f7af9fb43ad0a88f5d3c7c3951889626a84034442d89b67577fe627 | shasum -a 256