Citaat | Hoge Raad 6 februari 2018

Onder 2.2.2. Hoge Raad 6 februari 2018

Een alinea uit Hoge Raad 6 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:155.

De verdediging klaagt, ook in hoger beroep, over het optreden van de informant A-3678 die buiten de bevoegdheid zou zijn getreden als bedoeld in artikel 126j Sv. In de kern komt het erop neer dat de verdediging zich op het standpunt stelt dat de informant Sam zich niet heeft beperkt tot het inwinnen van inlichtingen nu hij verdachte heeft verzocht contact op te nemen met zijn criminele vrienden om een boodschap over te brengen. Hij heeft aldus niet alleen inlichtingen ingewonnen, maar verdachte tevens aangezet tot gedragingen. Daarmee is de reikwijdte van de onderhavige bevoegdheid reeds overschreden aldus de verdediging.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8d852b70271ea6853950995a14d3447eb593a15bab567fc9082d7910dcac2a60. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8d852b70271ea6853950995a14d3447eb593a15bab567fc9082d7910dcac2a60, en de alinea staat in dat document op bytes 22861 tot 23503.