Citaat | Hoge Raad 6 februari 2018
Onder 2.2.2. Hoge Raad 6 februari 2018
Een alinea uit Hoge Raad 6 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:155.
Dat de verdachte niet in vrijheid is gesteld op de dag dat de boete alsnog is betaald op maandag 12 mei 2014, maar twee dagen later op woensdagochtend 14 mei 2014 doet aan de rechtmatigheid van de inzet van de informant niet af. Wat er zij van de beweerdelijke onrechtmatigheid van het vastzitten van de verdachte, aan de inzet van de informant raakt dit niet. Die inzet is overigens aangevangen op zaterdag 10 mei 2014 en heeft na maandag 12 mei 2014 nauwelijks nog bevindingen van de informant opgeleverd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8d852b70271ea6853950995a14d3447eb593a15bab567fc9082d7910dcac2a60. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8d852b70271ea6853950995a14d3447eb593a15bab567fc9082d7910dcac2a60, en de alinea staat in dat document op bytes 24927 tot 25447.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8d852b70271ea6853950995a14d3447eb593a15bab567fc9082d7910dcac2a60 | shasum -a 256