Citaat | Hoge Raad 25 september 2018

Onder 4.8. Hoge Raad 25 september 2018

Een alinea uit Hoge Raad 25 september 2018, ECLI:NL:HR:2018:1770.

Voor zover de middelen klagen dat de wrakingskamer ten onrechte het verzoek tot wraking van haar leden buiten behandeling heeft gelaten wegens misbruik van recht, falen ze. Het kennelijke oordeel van de wrakingskamer dat het verzoek buiten behandeling kon worden gelaten omdat geen sprake was van een verzoek in de zin van art. 512 Sv getuigt in het licht van hetgeen hiervoor onder 4.5 en 4.7 is overwogen en gelet op hetgeen aan het verzoek tot wraking ten grondslag is gelegd, niet van een onjuiste rechtsopvatting.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dbed402f3258bc93249e697196de27d177bf6fe0dde1c07601afb45878764b7a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dbed402f3258bc93249e697196de27d177bf6fe0dde1c07601afb45878764b7a, en de alinea staat in dat document op bytes 28634 tot 29165.