Citaat | Hoge Raad 9 januari 2018
Onder 2.2.3. Hoge Raad 9 januari 2018
Een alinea uit Hoge Raad 9 januari 2018, ECLI:NL:HR:2018:18.
De bewoonster [betrokkene 2] zei tegen haar man dat er een aantal malen op de voordeur werd geklopt. De bewoner [betrokkene 1] is vervolgens via de achterdeur naar de voorzijde van de woning gelopen. Hier werd [betrokkene 1] geconfronteerd met een tweetal donker gekleurde overvallers/daders. De derde overvaller/dader stond ter hoogte van de voordeur en die heeft [betrokkene 1] niet goed waar kunnen nemen. Dit betrof echter ook een donker gekleurde dader. Eén van de daders droeg een bivakmuts en had een ijzeren staaf in zijn hand die ongeveer 30 centimeter lang was. De bivakmuts had bij de mond en ogen licht omlijnde randen. [betrokkene 1] voelde zich bedreigd omdat één van de daders op hem afliep en vervolgens de tweede dader ook in zijn richting kwam lopen. [betrokkene 1] is vervolgens tussen twee geparkeerde auto's weggerend om hulp te gaan halen. [betrokkene 1] is vervolgens naar de bewoners op de [a-straat 2] gerend om vervolgens de politie in kennis te stellen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7265e809a6e01d02f29b5fa54da7ba3301c6322358dc3cf6b65207f3b7b4ad32. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7265e809a6e01d02f29b5fa54da7ba3301c6322358dc3cf6b65207f3b7b4ad32, en de alinea staat in dat document op bytes 17758 tot 18754.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7265e809a6e01d02f29b5fa54da7ba3301c6322358dc3cf6b65207f3b7b4ad32 | shasum -a 256