Citaat | Hoge Raad 5 oktober 2018
Onder 3.4.7 Hoge Raad 5 oktober 2018
Een alinea uit Hoge Raad 5 oktober 2018, ECLI:NL:HR:2018:1841.
De in 3.4.6 aanvaarde uitleg van art. 7:930 lid 4 BW sluit aan bij de heersende opvatting in de rechtspraak en de literatuur (zie de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 2.21-2.28). Deze uitleg voorkomt dat de verzekeringnemer die zijn mededelingsplicht niet nakomt, zonder dat sprake is van opzet de verzekeraar te misleiden (zie art. 7:930 lid 5 BW), daarvan gevolgen ondervindt die een redelijk handelend verzekeraar daaraan niet zou verbinden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/98eaa7d9aa371a075def3d3b9fb3e1bc0126ba9530b3c5501a058eb9c4d1f15f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 98eaa7d9aa371a075def3d3b9fb3e1bc0126ba9530b3c5501a058eb9c4d1f15f, en de alinea staat in dat document op bytes 22531 tot 22995.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/98eaa7d9aa371a075def3d3b9fb3e1bc0126ba9530b3c5501a058eb9c4d1f15f | shasum -a 256