Citaat | Hoge Raad 13 februari 2018

Onder 2.2.3. Hoge Raad 13 februari 2018

Een alinea uit Hoge Raad 13 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:189.

De betrouwbaarheid van de verklaringen wordt naar het oordeel van het hof evenmin aangetast door de omstandigheid dat aangeefster ook nadat de bewezen verklaarde feiten zich hadden voorgedaan, zelfstandig contact heeft gezocht met de verdachte. Dat is in de ogen van het hof te verklaren door het feit dat zij daarmee nog niet naar buiten was gekomen en de verhouding ten opzichte van de verdachte, die in zekere zin fungeerde als een vertrouwenspersoon van de familie, gecompliceerd was. Bovendien heeft verdachte aangeefster trachten te isoleren van haar familie door haar voortdurend erop te wijzen dat haar ouders haar broer belangrijker vonden (p. 36-37 van het dossier) en haar zelfs berichten stuurde dat haar vriend niet goed voor haar zou zijn en dat hijzelf wel goed voor haar zou kunnen zorgen (verhoor [betrokkene 7] door de raadsheer-commissaris van 22 maart 2016).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5c5feaf242f5253d535681a8f742ffddcf353f1e5256c62fcb98098f4e2e3b32. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5c5feaf242f5253d535681a8f742ffddcf353f1e5256c62fcb98098f4e2e3b32, en de alinea staat in dat document op bytes 39832 tot 40724.