Citaat | Hoge Raad 19 oktober 2018

Onder 5.6.2 Hoge Raad 19 oktober 2018

Een alinea uit Hoge Raad 19 oktober 2018, ECLI:NL:HR:2018:1972.

Deze klacht mist feitelijke grondslag. Het hof heeft in rov. 3.3.2 van zijn tweede tussenarrest geconstateerd dat de deskundigen bij het bepalen van de waardevermindering van het terrein geen rekening hebben gehouden met de “in het bijzonder door Chipshol ontwikkelde bouwplannen”, omdat het gaat om de schade die iedere eigenaar van het perceel zou lijden. Dit betekent niet dat de deskundigen geen rekening hebben gehouden met plannen voor de bebouwing van het terrein; naar het kennelijke oordeel van het hof zijn (ook) de deskundigen – meer in het algemeen – uitgegaan van de bouwplannen van een redelijk handelende koper (zoals ook blijkt uit punt 14 van hun advies). Daarmee is in overeenstemming dat het hof in rov. 3.6.6 van dat arrest heeft overwogen dat bij de bepaling van de waardevermeerdering niet zonder meer zou worden uitgegaan van de bouwplannen van Chipshol, maar dat ook andere plannen bij de beoordeling konden worden betrokken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efab347b22140dd937bd9184697946b28d7a569bffa7c9bc03e0b29e95e459c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efab347b22140dd937bd9184697946b28d7a569bffa7c9bc03e0b29e95e459c1, en de alinea staat in dat document op bytes 52228 tot 53211.