Citaat | Hoge Raad 5 januari 2018

Onder 2.3.2. Hoge Raad 5 januari 2018

Een alinea uit Hoge Raad 5 januari 2018, ECLI:NL:HR:2018:2.

Het Hof heeft vervolgens geoordeeld dat de geldlening die belanghebbende aan [F] heeft verstrekt niet bij alle concurrente schuldeisers is achtergesteld. Het Hof heeft aan dit oordeel de gevolgtrekking verbonden dat die geldlening niet kan worden aangemerkt als een deelnemerschapslening.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4108d5fab4cb1bacd46d41976fa1e0222d4b3305cb7929cbb996f18f3bc3ac40. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4108d5fab4cb1bacd46d41976fa1e0222d4b3305cb7929cbb996f18f3bc3ac40, en de alinea staat in dat document op bytes 12094 tot 12396.