Citaat | Hoge Raad 9 januari 2018
Onder 2.2. Hoge Raad 9 januari 2018
Een alinea uit Hoge Raad 9 januari 2018, ECLI:NL:HR:2018:20.
Ik zit op [A] . Ik zat samen met [betrokkene 2] in de aula. Ik zag dat [betrokkene 1] op het podium zat aan een tafel. Ik hoorde lawaai en zag twee jongens en een meisje binnen komen. Ik hoorde dat er geroepen werd: "Wie is [betrokkene 1] ". Ik hoorde [betrokkene 1] zeggen: "Dat ben ik". Dan lopen de drie direct op [betrokkene 1] af. De mannen liepen voorop. Toen ze bij [betrokkene 1] waren zag ik dat er slaande bewegingen werden gemaakt door de twee mannen. Ineens zag ik dat een van de mannen een mes uit zijn zak haalde. Ik zag dat hij een stekende beweging maakte richting de buik van [betrokkene 1] . Ik zag dat die man met dat mes op ons af kwam. Ik zag dat hij dat mes bij [betrokkene 2] op zijn keel zette.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/64d1f5e80e157154ec8d0b3d5bbd9aa1921fb0f4a1f4d949615bbe1f64de1e94. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 64d1f5e80e157154ec8d0b3d5bbd9aa1921fb0f4a1f4d949615bbe1f64de1e94, en de alinea staat in dat document op bytes 12443 tot 13174.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/64d1f5e80e157154ec8d0b3d5bbd9aa1921fb0f4a1f4d949615bbe1f64de1e94 | shasum -a 256