Citaat | Hoge Raad 30 oktober 2018
Onder 2.2. Hoge Raad 30 oktober 2018
Een alinea uit Hoge Raad 30 oktober 2018, ECLI:NL:HR:2018:2003.
Blijkens het proces-verbaal van het onderzoek in openbare raadkamer van de Rechtbank van 12 oktober 2016, rekestnummer 16/937, heeft [klager] aldaar verklaard het klaagschrift alsmede zijn spreekaantekeningen over te leggen. Voorts heeft hij het klaagschrift mondeling aangevuld met het verzoek tot teruggave aan hem van de onder [betrokkene 2] inbeslaggenomen camper en Maserati personenauto. De genoemde spreekaantekeningen houden onder meer in dat reeds op grond van het klaagschrift van [betrokkene 2] teruggave van de inbeslaggenomen goederen aan hem, [klager] kan worden gelast, maar dat, indien hij daarvoor een zelfstandig verzoek moet inleveren, hij dat bij deze doet. Klaarblijkelijk heeft de Rechtbank deze verklaring en het daarmee gepaard gaande overleggen van een klaagschrift aangemerkt als een (ontvankelijk) klaagschrift als bedoeld in art. 552a Sv. Dat oordeel getuigt van een onjuiste rechtsopvatting, daar de wet niet de mogelijkheid kent dat een verzoek om teruggave mondeling wordt gedaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b9eb2b1487e73447c776393cf98a1005f179e8b8584ed984646a1627b3b6cd12. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b9eb2b1487e73447c776393cf98a1005f179e8b8584ed984646a1627b3b6cd12, en de alinea staat in dat document op bytes 10160 tot 11184.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b9eb2b1487e73447c776393cf98a1005f179e8b8584ed984646a1627b3b6cd12 | shasum -a 256